Wie o wie het vaakst een SOA?

Wist jij dat Nederlanders van niet-westerse afkomst zich vaker laten testen op een mogelijke SOA? Deze groep doet dat veel vaker dan de autochtone Nederlander.

Uit eerdere onderzoeken blijkt dat Nederlanders van Antilliaanse, Surinaamse en Afrikaanse afkomst seksueel actiever zijn. Het is een heel goed teken dat zij weten dat ze zich kunnen laten testen op de mogelijke aanwezigheid van een seksueel overdraagbare aandoening.

Een vergelijking benadrukt het grote verschil: bij niet-westerse Nederlanders liet ongeveer 1 op de 10 zich testen op hv en ongeveer 1 op de 8 op een andere SOA. Bij autochtone Nederlanders was dit bij ieder de helft minder.

De jongvolwassenen tussen de 17 en 25 jaar lopen veel meer risico op een infectie dan de groep die een stuk ouder is. Van de jongeren had namelijk ruim 1 op de 5 van de 17 t/m 24-jarigen meer dan een sekspartner in het afgelopen jaartje. Voor 17% van de gevallen gold dat de laatste partner gewoon voor een keer was en voor ruim 7% gold dat er seks was zonder een condoom .

Vooral losbandige jongeren uit minder hechte gezinnen zijn vaker geneigd te experimenteren op seksueel gebied. Een verklaring kan zijn dat het thuisfront de plek is waar je in je zelfbeeld en eigenwaarde wordt bevestigd. Als een individu hierin niet goed functioneert, door bijvoorbeeld een verstoorde band met de ouders, dan kan deze sneller opzoek gaan naar liefdes en aandacht buiten de deur.

Dit is toch wel een alarm en benadrukt het belang van goede seksuele voorlichting op scholen. Op scholen zijn er namelijk veel jongeren in die leeftijdsgroepen. Er moet meer aandacht zijn voor veilig seksuele contacten.

De conclusie is dat jongeren toch een belangrijke risicogroep zi
jn voor een eventuele SOA.
Chlamydia komt al jaren het meest voor. Dit is ook de bekendste SOA-soort. Vrijwel iedereen heeft wel eens van deze SOA gehoord!

Reageer

Emailadres wordt niet getoond.


*